Het idee achter presidencia aberta - open presidentschap - in Mozambique is transparantie, toegankelijkheid en controleerbaarheid van het hoogste regeringsniveau tot de armste inwoner.
Dit initiatief van president Armando Guebuza is een bemoedigend project in een continent waar onverschilligheid en corruptie aan de orde van de dag zijn. In veel Afrikaanse staten gaan anarchie (niemand heeft de leiding), meritocratie (macht aan degene met de grootste verdiensten) en kleptocratie (diefstal en fraude regeert) hand in hand met nepotisme, feodalisme, paternalisme en kapitalisme. Er zijn maar enkele Afrikaanse staten, waaronder Mozambique, waar dat niet voor geldt.
Veel voormalige Britse en Franse kolonies hebben hun onafhankelijkheid op betrekkelijk vreedzame wijze verworven, maar dat ging wel ten koste van hun latere economische onafhankelijkheid. De grootgrondbezitters en industriemagnaten in bijvoorbeeld Malawi, Ghana, Mali, Senegal en Zuid-Afrika zijn de nakomelingen van precies diegenen die in de koloniale tijd de grote winsten opstreken. Mozambique en nog een paar landen die hun onafhankelijkheid pas na bloedige oorlogen tegen de koloniale mogendheden wisten te veroveren, zijn in sommige opzichten misschien slechter af (denk aan de verwoesting van de infrastructuur, verlies aan expertise en buitenlandse investeerders), maar daar staat tegenover dat ze geen last hebben van economische afhankelijkheid of wraakzucht.
Trots en vrij
Mozambique is weliswaar armer dan zijn buurlanden en ook veel minder ver ontwikkeld, maar het is een trots en vrij land. De afhankelijker buurlanden zullen dat misschien pas over vele generaties zijn.
Toen de burgeroorlog in 1992 - na zestien jaar - was afgelopen, was Mozambique officieel het armste land ter wereld. Bijna alle fabrieken, elektriciteitscentrales, scholen, gezondheidsposten, ziekenhuizen, bruggen en wegen in het land waren beschadigd of verwoest. Twee miljoen burgers waren omgekomen en miljoenen werden dakloos. Het land heeft geen olie zoals Nigeria of diamanten zoals Zuid-Afrika. Mozambique moet het hebben van zijn schoonheid en charme, van zijn cultuur en zijn geschiedenis. Dat is allemaal niet een-twee-drie in harde winst om te zetten.
Land in puin
Het lijkt dan ook een onmogelijke opgave dit uitgestrekte land te besturen. Een land dat in puin ligt, geen bodemschatten bezit en weinig kennis in huis heeft. Er zijn praktisch geen leerkrachten of verpleegkundigen meer. In zestien jaar tijd zijn de beste en slimste mensen door de rebellen terechtgesteld. Zo werd de bevolking dom gemaakt. Negentig procent van de inwoners kan niet lezen of schrijven, een gegeven dat het Westen grotendeels onverschilligheid laat. Voeg daarbij het verlies van de charismatische president Samora Machel (hij overleed in 1986), en je begrijpt wat voor uitdaging zijn opvolger, Joaquim Chissano, wachtte toen hij met zijn regering begon het verwoeste land weer op te bouwen.
Nadat hij het idee van Waarheid en Verzoening had geïntroduceerd - lang voor Zuid-Afrika dat deed - en het land met voorbeeldige wijsheid en terughoudendheid had geregeerd, maakte hij in tegenstelling tot sommige meer dictatoriale leiders in de buurlanden vrijwillig plaats voor zijn opvolger, Armando Guebuza ofwel 'Papa Guebuza'.
Een van de redenen dat ik graag in Mozambique woon, is dat het een land is van hoop. Het staat er weliswaar slecht voor, maar het wordt beter. Iedereen weet dat. Het is ook te zien. Ieder jaar worden nieuwe scholen gebouwd en geopend, wegen aangelegd of hersteld, bruggen gebouwd, putten geslagen, gezondheidsposten verbeterd. Er komen nieuwe banken en winkels worden uitgebreid. Iedere dag is er een van collectief optimisme en dat geeft een prettige sfeer.
Natuurlijk zijn er ook onprettige dingen: ongelukken, incidentele gevallen van corruptie, iets meer gevallen van diefstal en de enclaves van het soort onbarmhartigheid waar ambtenaren overal ter wereld patent op hebben. Maar dat zijn de uitzonderingen. De regel is opwindender en bevredigender. Honderduizenden ongeletterde ouders - er zijn maar weinig voormalige koloniën waar vroeger zo weinig officieel onderwijs was als hier - sturen hun kinderen naar school. Nu staat 95 procent van alle kinderen ingeschreven op een basisschool, een geweldige vooruitgang.
Na kritiek op zijn partij en regering heeft Papa Guebuza zijn presidentschap open verklaard. Hij en zijn ministers zijn voor iedereen bereikbaar. De president wacht echter niet af, maar zoekt zijn burgers op. Met een energie die andere politici waarschijnlijk niet bezitten - omdat zij de zeventien jaar guerrillatraining in het oerwoud ontberen - trekt Papa Guebuza kriskras door het land. Met een klein konvooi helikopters strijkt hij neer in steden en afgelegen dorpen. Iedereen mag in de volksvergaderingen die Guebuza belegt, naar voren komen om corruptie, diefstal, wanbeleid, onrecht of geweld aan de kaak te stellen. Zijn medewerkers noteren alles. Met naam en toenaam. In andere landen zou dat kunnen leiden tot represailles, maar hier leidt het tot actie. Er worden klachten ingediend en zo mogelijk meteen maatregelen genomen. Tegen corrupte of onbekwame ambtenaren bijvoorbeeld.
Gevaarlijk
In bepaalde kringen, met name op ontmoetingsplaatsen van NGO's en expats, bestaat de neiging over Mozambique te klagen en te zeggen dat het een kweekvijver van ellende is. Een gevaarlijk land bovendien. De buitenlanders hier proberen daarmee een beetje een heldhaftige indruk te maken op elkaar en hun vrienden. Maar ik heb in landen gewoond waar het echt gevaarlijk was en ik weet wat onderdrukking is en hoe grootschalige corruptie er uitziet en aanvoelt. Daarom vind ik het verkeerd het relatief comfortabele en veilige leven in bijvoorbeeld het zuidelijke Maputo of het noordelijke Mossuril zo voor te stellen. Laat ik dit zeggen: waar echte onderdrukking heerst, zijn zulk soort onverbloemde uitspraken levensgevaarlijk.
Ik heb er zelf geen behoefte aan de held uit te hangen met boute uitspraken. Mijn leven hier is ondanks alle tekorten en problemen veel prettiger en bevredigender dan het leven dat ik heb achtergelaten. Iedere dag stuit ik weer op anonieme voorbeelden van plaatselijke heldenmoed. Van vroeger en van nu. Ik zou willen dat er meer was geschreven over de geschiedenis van Mozambique van 1900 tot 2000 en over het optimisme van zijn inwoners.
Zang en dans
Vorige week haalde deze uithoek van het district Nampula plots de voorpagina's. Het open presidentschap, met Papa Guebuza en zijn helikopters, had ons bereikt. De onverharde weg vanuit Naguema was onherkenbaar nadat er een leger auto's overheen was gereden. In het gevolg van de president zaten de gouverneur van de provincie, twee ambassadeurs (uit Malawi en Nederland) en vijftig andere officiële gasten.
De helikopters waren op een steenworp afstand van ons opleidingsrestaurant Sunset Boulevard geland en het personeel was met ons uitgelopen om Guebuza te verwelkomen. De traditionele leiders - de regulos - in hun kakikleurige uniform met een bruine pet stonden in de rij om hem de hand te schudden. De leerlingen, met kralen in hun haar, zongen een lied. Er werd gedanst en op de troms geroffeld.
De volksvergadering vond plaats in Lungá, een dorp dat zo afgelegen ligt dat Mossuril daarbij vergeleken een wereldstad is. De Nederlandse ambassadeur, Frans Bijvoet, was erbij. Ook dit keer konden eenvoudige mensen spontaan hun zegje doen. De president en zijn gevolg luisterden, een medewerker maakte aantekeningen. Even vergaten we de sfeer van cynische onverschilligheid in de wereld. Hier tijdens dit samenzijn gingen gerechtigheid en democratie hand in hand.